Denken in scenario’s voor bredere blik op coronapandemie

Begin september 2021 presenteerden de WRR en de KNAW de scenariostudie ‘Navigeren en anticiperen in onzekere tijden’. In november 2021, als duidelijk is dat Nederland zich in een vierde coronagolf bevindt, is dit advies actueler dan ooit. Frans Brom (directeur WRR) en Josta de Hoog (projectcoördinator van de scenariostudie) lichten het daarom nader toe.

scenariostudie Navigeren en anticiperen in onzekere tijden
Beeld: ©HH/ANP / HH/ANP

Beeldvorming verbreden

Brom: “De scenariostudie bestaat uit drie delen. In het eerste deel brengen we de impact in kaart die corona in de samenleving heeft. Die is breder dan alleen medisch; ook voor bijvoorbeeld het onderwijs, de maatschappelijke samenhang en de economie hebben de pandemie en de bestrijding ervan belangrijke gevolgen. In het tweede deel schetsen we vijf mogelijke scenario’s voor het verloop van de pandemie, gegeven de impact en de onzekerheid ervan. Die scenario’s variëren van terug naar normaal, waarbij het virus wordt uitgebannen, tot een worst-case-scenario, waarbij het virus dodelijker wordt, en drie scenario’s daartussenin. En tot slot komen we tot vier aanbevelingen. Bijvoorbeeld dat het belangrijk is om te anticiperen op verschillende scenario’s en om de waarden van de democratische rechtsstaat te beschermen. Met de studie hebben we de beeldvorming rond de pandemie willen verbreden.”

De Hoog: “Veel mensen hebben lange tijd gedacht dat de pandemie snel achter de rug zou zijn. Nog even deze golf door en dan is het voorbij, was de gedachte. In de wetenschappelijke literatuur werden andere mogelijke ontwikkelingen als reëel gezien. We vonden het belangrijk die voor het voetlicht te brengen, zodat beleidsmakers zich daarop kunnen voorbereiden. In het advies kwamen we tot twee hoofdboodschappen: bereid je voor op verschillende scenario’s voor de ontwikkeling van de pandemie. En beperk je blik niet tot het medische of virologische, maar kijk naar de samenhang daarvan met brede maatschappelijke vraagstukken. Beide boodschappen zijn belangrijk, maar de scenario’s zijn waarschijnlijk het meest vernieuwend. Toen in oktober helaas bleek dat de pandemie echt nog niet voorbij was, zag je de interesse in onze scenario’s toenemen.”

Scenario’s in het geval van onzekerheden

Brom: “Scenario’s zijn behulpzaam bij onzekerheden, om richting te geven aan beleid en om grip te krijgen op de situatie. Dit in tegenstelling tot modellen, die vooral helpen wanneer je kunt uitgaan van stabiliteit en continuïteit. Dan heb je gegevens waarmee je kunt doorrekenen waar we over een tijd staan. In een situatie die fundamenteel onzeker is, is het behulpzaam om met scenario’s te werken. Dat is een manier om je ondanks die onzekerheid op de toekomst voor te kunnen bereiden.”

De Hoog: “Wij zien de scenario’s over de ontwikkeling van de pandemie nadrukkelijk als aanvulling op de modellen. Wanneer je wilt weten hoe de pandemie er over twee weken uitziet, dan heb je niet zoveel aan deze scenario's en kun je beter naar de modellen kijken. Maar als je wilt weten waar de pandemie over zes maanden staat, dan heb je weer minder aan de modellen, daarvoor zijn er teveel onzekerheden. Dan kun je beter met scenario's werken.”

fotos Frans Brom en Josta de Hoog
Beeld: ©WRR / WRR

Kennis uit KNAW- en eigen netwerk benut

Brom legt uit waarom de WRR en de KNAW de scenariostudie gezamenlijk hebben uitgevoerd: “We wisten van elkaar dat we met dit onderwerp bezig waren. Het gaat om zo’n groot maatschappelijk vraagstuk dat we de krachten, én kennis, hebben gebundeld. Daarbij konden we onze beide, brede, netwerken aanspreken, die overigens een grote bereidheid hadden om mee te werken. Dat heeft goed gefunctioneerd. Zo hebben we gesteund op de kennis die binnen de WRR beschikbaar was, de kennis van collega’s met verschillende disciplinaire achtergronden. Een rapport dat mij persoonlijk erg heeft geholpen, is het WRR-rapport ‘Voorbereiden op digitale ontwrichting’. Dat laat goed zien dat je een crisis niet in isolement moet bekijken. Juist tijdens het bestrijden van de crisis moet je ook de langetermijngevolgen van die crisisbestrijding in beeld brengen. Denk aan een brand in een dataopslagcentrum. Zou je die met water blussen, dan levert dat nieuwe problemen op. Die langetermijnblik houden is best lastig. Je wordt immers volledig in beslag genomen door het probleem dat nu om een aanpak vraagt. Daar hebben wij met de scenariostudie een handreiking voor willen geven.”

De Hoog: “In juli hebben we ook een bundel uitgebracht met expertvisies op de gevolgen van corona, ‘COVID-19: Expertvisies op de gevolgen voor samenleving en beleid’. Daarin hebben we 25 wetenschappers, mensen met verschillende achtergronden, gevraagd te reflecteren op de gevolgen die corona heeft voor hun vakgebied. Die expertvisies hebben ons geholpen om in relatief korte tijd tot een publicatie te komen.”

Doorwerking

Brom: “De studie krijgt op het moment veel aandacht. Zo zwaaide het Tweede Kamerlid Pieter Omtzigt onlangs tijdens een Kamerdebat met het advies. Eerder had Van Dissel er al enkele keren de aandacht op gevestigd en had De Jonge het tijdens een persconferentie genoemd. Een eerste proeve van de scenario’s hebben we in juni al gedeeld met de formateur en de fractievoorzitters van de Tweede Kamer. Inmiddels is de studie ook in het Engels vertaald. Hopelijk kunnen onze scenario’s ook buitenlandse overheden en organisaties helpen.”

De Hoog: “De studie is ook bedoeld als handreiking voor andere organisaties, op lokaal en nationaal niveau. Zij kunnen er zelf mee aan de slag, om beter voorbereid te zijn op het verdere verloop van de pandemie en om op situaties te kunnen anticiperen.”

Brom: “Het hangt niet alleen van Den Haag af hoe we door de crisis komen. Niet alleen de regering en virologen moeten zich een beeld vormen van wat het betekent als het coronavirus op de lange termijn blijft rondwaren, dat geldt ook voor allerlei maatschappelijke organisaties en eigenlijk voor de hele samenleving. Met de scenario’s willen WRR en KNAW voorkomen dat mensen, overheid en samenleving, zich steeds overvallen voelen door nieuwe ontwikkelingen en dat er op dat moment ad hoc besluiten genomen moeten worden.”