Nieuwe verkenning Filantropie

Samenwerking tussen overheid en filantropie loont, maar waak voor rolvervaging. Dit staat in de nieuwe Verkenning Filantropie op de grens van overheid en markt die vandaag is gepubliceerd. Tot op heden ontbreekt in Nederland een expliciete beleidsvisie op filantropie. De verkenning biedt hiervoor enkele bouwstenen.

Filantropie is geen verlengstuk van de overheid. Het geefgedrag van mensen wordt bepaald door de individuele vrije keuze om goede doelen te ondersteunen. De overheid doet echter niet aan willekeurige en vrijblijvende liefdadigheid, maar behartigt publieke zaken op basis van rechtsstatelijke principes. Filantropie levert daaraan een wezenlijke bijdrage. Zie filantropie echter als aanvulling op taken waaraan de overheid zich heeft gecommitteerd. Daarom is het zaak dat overheid en filantropie ten opzichte van elkaar gepaste afstand bewaren.

Maatschappelijke veerkracht

Filantropie staat voor autonomie, voor innovatie en voor pluriformiteit. Ze versterkt de banden tussen mensen en tussen gemeenschappen. Maar zij kan ook controversiële doelen financieel ondersteunen en tegendraads zijn, waarbij zij de overheid uitdaagt of zelfs tegenwerkt. Er moet ruimte zijn voor dit soort actief burgerschap in een democratische rechtsstaat. De toegevoegde waarde van filantropie voor sociale cohesie en een pluriforme democratie rechtvaardigen fiscale stimulansen (zoals de giftenaftrek in de inkomstenbelasting en fiscale voordelen voor ‘algemeen nut beogende instellingen’), maar de overheid moet geefgedrag niet inhoudelijk willen sturen.

Verzakelijking van filantropie: een goede zaak?

Filantropie wordt professioneler en dat is een goede zaak. Het leidt tot meer openheid over haar functioneren. Mengvormen van filantropie en bedrijfsleven zijn in opkomst. Zo ontwikkelen veel vermogensfondsen zich tot sociale investeerders die met ontvangende partijen afspraken maken over de besteding en meetbare impact van hun gift. Soms zijn die investeringen mede gericht op financieel rendement, zoals bij ‘sociale ondernemingen’. De overheid kan bijdragen aan hun (h)erkenning, voor zover zij hun bijdrage aan de samenleving boven winst stellen. Het is wel belangrijk te waken voor de negatieve gevolgen van verzakelijking. Inspelen op bedrijfsmatige motieven kan het oorspronkelijke grondmotief van filantropie ondermijnen.