Geldstromen en inkomensverdeling in de verzorgingsstaat

Voorstudie 32 - J.H. von Eije

Deze voorstudie geeft een systematisch overzicht van de geldstromen tussen de particuliere sector (gezinnen en bedrijven) en de publieke sector (de overheid en sociale verzekeringen). Het overzicht wordt gebruikt om de gevolgen van de inkomensverdeling te meten en om vier scenario's voor de verzorgingsstaat te schetsen.

Sturing van geldstromen

De overheid streeft economische stabiliteit na door o.a. extra uit te geven als het bedrijfsleven in moeilijkheden verkeert en door extra heffingen op te leggen als het bedrijfsleven overhit raakt. Inkomensverdeling wordt beïnvloed door sommige groepen te belasten en andere een uitkering toe te kennen.  Ter sturing van deze geldstromen wordt in het economisch proces ingegrepen doormiddel van het budgetmechanisme.

Het budgetmechanisme wordt gekenmerkt door een gezamenllijke besluitvorming over de omvang en de richting van de geldstromen. Het uitgangspunt is dat de stromen zodanig worden gestuurd dat zoveel mogelijkde algemeen aanvaardbare doelstellingen worden bereikt.

Vier scenario's voor de toekomstige verzorgingsstaat

De herverdelende werking van de geldstromen van en naar de publieke sector is kenmerkend voor de Nederlandse verzorgingsstaat. De auteur beschrijft vier scenario's voor de toekomst van de verzorgingsstaat gebaseerd op de omvang van de gezamenlijke heffingen en de mate van besluitvorming. De vier scenario's: collectivisering (meer zeggenschap en heffingen), solidarisering (meer heffingen, maar minder zeggenschap), nationalisering (minder heffingen, maar wel zeggenschap) en privatisering (minder zeggenschap en minder heffingen).

Nivellering

Uit de ontwikkeling van de geldstromen blijkt dat tussen 1963 en 1978 de mate van gezamenlijke besluitvorming en de omvang van heffingen toe namen (collectivisering). Hierdoor is de invloed van de publieke sector op de verdeling van de beschikbare inkomens flink gestegen. Deze invloed werk nivellerend, zoals beoogd.

De serie 'Voorstudies en achtergronden' omvat werkstukken die in het kader van de werkzaamheden van de WRR tot stand zijn gekomen en naar zijn oordeel van zodanige kwaliteit en betekenis zijn, dat publicatie gewenst is. De verantwoordelijkheid voor de inhoud en de ingenomen standpunten berust bij de auteurs.