WRR: "Wisseling van perspectief nodig bij nationale identiteit"

Verbondenheid met Nederland komt op verschillende manieren tot stand.

De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) doet in het rapport Identificatie met Nederland voorstellen om de verbondenheid met Nederland te versterken. De WRR bepleit een benadering die het venster openzet naar de toekomst en bevordert dat mensen met uiteenlopende achtergronden en opvattingen zich in Nederland ‘thuis voelen’, een benadering die identificatieprocessen centraal stelt. Het rapport wordt op 24 september namens de regering in ontvangst genomen door minister dr. E.M.H. Hirsch Ballin van Justitie. H.K.H. Prinses Máxima is daarbij eveneens aanwezig en houdt een korte inleiding.

De urgentie om op een andere manier naar nationale identiteit te kijken is zonneklaar: zowel migranten en hun kinderen als ‘oorspronkelijke’ Nederlanders voelen zich niet altijd meer op hun gemak in ons land en soms zelfs buitengesloten. Sommigen keren zich helemaal af van de Nederlandse samenleving en trekken zich terug in hun eigen groep. In extreme gevallen is er zelfs sprake van radicalisering en angst.

Een benadering die vertrekt vanuit identificatieprocessen biedt meer mogelijkheden voor een toekomstgerichte beleidsstrategie dan een benadering die de nationale identiteit centraal stelt. Verbinding komt met name tot stand als verschillen niet uitsluitend als een probleem worden gezien maar vooral ook als een kans. Identiteit is niet enkelvoudig, zo stelt de WRR in zijn onderzoek vast. Mensen voelen zich verbonden met zowel familie, werk of stad maar ook met de plaats waar ze vandaan komen, of dat nu in Nederland of daarbuiten is. Mensen die ‘van meerdere markten thuis zijn’ hebben veel te bieden in een wereld die steeds verder globaliseert.

De WRR pleit daarom voor een meer open benadering van nationale identiteit. Het verhaal van de nationale identiteit is nooit af en wordt niet alleen verteld aan de hand van het verleden. Een nationale identiteit is per definitie dynamisch en krijgt steeds opnieuw vorm aan de hand van de veranderingen die in Nederland plaatsvinden. Nederlanders die oorspronkelijk niet van hier zijn, maken ook deel uit van de Nederlandse geschiedenis. Het is belangrijk om dat zichtbaar te maken zodat zij zich ook met Nederland kunnen en willen identificeren. In dit rapport worden drie processen van identificatie onderscheiden: functionele, normatieve en emotionele identificatie.

Functionele identificatie komt tot stand wanneer iemand niet meer als lid van een (etnische) groep wordt gezien, maar als individu met diverse functionele verbindingen: als lid van een beroepsgroep, een sportvereniging of een politieke partij. Kortom: gedeelde belangen met anderen maken identificaties mogelijk die etniciteit overstijgen. Bij normatieve identificatie gaat het zowel om het aanpassen aan de norm als om het aanpassen van de norm. Er moet meer ruimte komen om verschillende normatieve opvattingen in te brengen en te bediscussiëren. Bij emotionele identificatie gaat het om het gevoel ‘erbij te horen’ en je verbonden te voelen, niet alleen met andere mensen en groepen, maar ook met een land. De ene loyaliteit gaat hierbij niet noodzakelijkerwijs ten koste van de andere.

De WRR komt op grond van bovenstaande met een aantal praktische aanbevelingen. Zo bepleit de Raad de dubbele nationaliteit formeel-juridisch toe te staan. In een globaliserende wereld is het hebben van twee paspoorten steeds vaker een gegeven. Niet alleen voor ‘nieuwe Nederlanders’, maar ook voor Nederlandse emigranten. Eventuele problemen die kunnen ontstaan bij ambtsdragers die Nederland vertegenwoordigen, dienen op een zakelijke manier besproken te worden en functioneel te worden opgelost. Bovendien heeft identificatie met Nederland meer kans van slagen als je niet gedwongen wordt om de verbinding met het land waar je vandaan komt, op te geven.

Een andere aanbeveling richt zich op het onderwijs: de Raad wees al eerder op het belang van verbinden voor de toekomst van Nederland. In het rapport Identificatie met Nederland wordt gewezen op de noodzaak om naast artikel 23 van de Grondwet de verbindingsopdracht van scholen wettelijk te verankeren. Die opdracht moet meer ruimte bieden aan scholen en gemeentebesturen om te experimenteren met vormen van verbinden. Niet om scholen een nieuwe regel op te leggen, maar als steun in de rug bij dergelijke experimenten.

De WRR wijst op het belang van een scherp antidiscriminatiebeleid. Daarnaast wijst de WRR op de aanwezigheid van culturele codes op de werkvloer, bij de sportvereniging, in de buurt en op school die het ‘wij gevoel’ van degenen die er al bij horen, bevestigen. Het doorzien van deze codes is ook een kwestie van invechten. Als dat niet lukt, dan werken de codes contraproductief en lopen mensen de kans er niet bij te horen.

Verder bepleit de Raad zorgvuldig en precies taalgebruik. Een grofmazig onderscheid zoals ‘allochtoon-autochtoon’ is vaak contraproductief. Overheid, wetenschap en media zouden hun woordgebruik moeten afstemmen op de relevante context. Het gegeven dat iemand trambestuurder of advocaat is, is in de meeste gevallen relevanter dan dat zijn ouders in Marokko zijn geboren.

In het publieke debat ligt er een dubbele opdracht voor beleidsmakers, politici en media. Aan de ene kant zal er meer ruimte moeten zijn voor meer extreme standpunten en opvattingen waardoor tegenstellingen zullen toenemen. Aan de andere kant zal ook voortdurend de nuance moeten worden opgezocht om inzicht te krijgen in de grote verscheidenheid aan posities en opvattingen. Juist die verscheidenheid is een kans voor die beleidsmakers, politici en media.

Over de WRR

De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) is een onafhankelijk adviesorgaan voor de Nederlandse regering. De WRR geeft de regering gevraagd en ongevraagd advies over onderwerpen vanuit een langetermijnperspectief. Deze onderwerpen zijn sectoroverstijgend en hebben betrekking op maatschappelijke vraagstukken waarmee de regering in de toekomst te maken kan krijgen. De WRR-adviezen krijgen hun weerslag in openbare rapporten, die zowel een probleemstellend als adviserend karakter kunnen hebben. 
 

Identificatie met Nederland, WRR-Rapport nr. 79, ISBN 978 90 5356 428 8, prijs € 39,95 is vanaf 24 september 2007 verkrijgbaar in de boekhandel en bij Amsterdam University Press.

Tevens zijn in het kader van dit onderzoek gepubliceerd, de WRR-verkenning nr. 17 Nationale identiteit en meervoudig verleden door Maria Grever en Kees Ribbens, de WRR-Webpublicatie nr. 33 De casus Inburgering en Nationaliteitswetgeving: iconen van nationale identiteit. Een juridische analyse, door Fouzia Driouchi, en WRR-Webpublicatie nr. 34 In debat over Nederland. Veranderingen in het discours over de multiculturele samenleving en nationale identiteit, door Fleur Sleegers.