Lecture 2009: De overheid als keuzearchitect?

De WRR lecture vond in 2009 plaats op 26 november in de Nieuwe Kerk in Den Haag en had als thema 'De overheid als keuzearchitect'.

Richard Thaler

Keynote-spreker was Richard Thaler, hoogleraar Economics and Behavioral Science en directeur van het Center for Decision Research van de Universiteit van Chicago. Thaler is een gezaghebbend gedragseconoom en auteur (samen met Cass Sunstein) van de bestseller Nudge. Hij besprak de verschillen tussen de econ (de homo economicus), mens van het rationele keuzemodel, en de mens van vlees en bloed. Hij maakte duidelijk dat mensen systematisch irrationeel zijn en liet zien dat het aanbod van keuzes (door publieke en private instituties) daardoor in het algemeen niet neutraal is. Het niet rekening houden met systematische menselijke beperkingen kan tot voorspelbare inefficiëntie en ongelukken leiden. Er wel rekening mee houden is welzijnsbevorderend zonder dat dit de keuzevrijheid beperkt. ‘Nudging’ houdt rekening met en maakt gebruik van irrationaliteit van de burger en beïnvloedt individueel gedrag zonder gebruik te maken van de traditionele instrumenten: gebieden/verbieden, subsidiëren/belasten, informatie en overtuiging. Thaler betoogde dat mensen niet rationeel te maken zijn, en dat een beleid dat rekening houdt met het feit dat de mens geen econ is, links noch rechts is – iets wat lijkt te worden onderstreept door het feit dat zijn coauteur Cass Sunstein adviseur is van Barack Obama, terwijl Thaler adviseur is van David Cameron, de leider van de Britse conservatieven.

Nudging en vleesloze dagen

Maarten Hajer, hoogleraar bestuurswetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam, directeur van het Planbureau voor de Leefomgeving en adviserend lid van de WRR, ging in zijn reactie op de bijdrage van Thaler in op de vraag of ‘nudging’ – het rekening houden met en gebruik maken van irrationaliteit van de burger - kan bijdragen tot het voorkomen van een klimaatramp. Hij stelde de vraag of nudges vallen in de categorie mini-initiatiefjes waarvan de resultaten in het niet zullen vallen bij wat er vereist is om de benodigde reductie van CO2-uitstoot te bereiken. In zijn antwoord kwam hij met een aantal overwegingen. De eerste was dat alle beetjes niet alleen helpen, maar zelfs nodig zijn: als alle Nederlanders zouden besluiten tot een vleesloze dag per jaar zou dit leiden tot een reductie van CO2-uitstoot van tussen de 0.6 en 0.7 megaton. Een vleesloze week zou leiden tot een daling van de Nederlandse CO2 uitstoot van 3,5 procent. Dit zou een maatschappelijk signaal zijn dat meer kan bijdragen dan alleen het directe procentuele effect – op voorwaarde dat de overheid dit oppakt. 

Nudging richt zich volgens Hajer vooral op het gedrag van het individu, terwijl ook het mobiliseren van het collectief vereist is. Hierbij zou de overheid gebruik moeten maken van termen als innovatie, slimme oplossingen, global justice, accountability. De overheid moet ook de condities scheppen voor klimaatbeheersing met behulp van financiële prikkels en regels. Het moet voor burgers en bedrijven aantrekkelijk worden energie te produceren, de overheid moet centrale doelen stellen en burgers en bedrijven prikkels geven om die te realiseren, open staan voor creativiteit van onderop, en helder, consistent en betrouwbaar zijn. 

Libertair paternalisme

In zijn lezing ging Martin van Hees, hoogleraar wijsbegeerte aan de Rijksuniversiteit Groningen, in op het verhaal van op het verhaal van Thaler en de vraag hoe paternalisme zich verhoudt tot de directe en indirecte waarde van vrijheid. De directe waarde is het belang dat we hechten aan de dingen waartussen we kunnen kiezen. In de visie van Van Hees laten Thaler en de gedragseconomie overtuigend zien dat de directe waarde van vrijheid vaak niet wordt gerealiseerd. Als liberalen alleen belang hechten aan keuzevrijheid vanwege die directe waarde zou liberaal paternalisme zeer goed mogelijk zijn. 

De indirecte waarde van keuzevrijheid is nauw verbonden met verantwoordelijkheid. Zo is er de waarde van het maken van fouten, het leren van je missers en van die van anderen. Paternalisme is alleen daadwerkelijk liberaal als de indirecte waarde van vrijheid niet in het geding komt. Sturingsinstrumenten zijn alleen dan liberaal als deze aspecten van de waarde van vrijheid zo min mogelijk onder druk komen te staan. Bij automatische beslissingen (gewoontegedrag) staat de vertegenwoordigende waarde toch al onder druk, en deze zouden zich dus gemakkelijker kunnen lenen voor sturing. Bij eenmalige beslissingen zal de vormende werking beperkter zijn en is er, aldus Van Hees, meer ruimte voor nudging. Van Hees verwees ook naar de uitspraak van Immanuel Kant dat paternalisme de ergste vorm van despotisme is, maar bleek van mening dat algemene uitspraken over de verenigbaarheid van liberalisme en paternalisme niet goed mogelijk zijn: het zal afhangen van de concrete beleidscontext. 

De menselijke beslisser

Minister Klink (VWS) ging in op het belang van individueel gedrag in de beleidsagenda, onder verwijzing naar onder andere de kilometerheffing, procedures binnen ziekenhuizen, en de griepvaccinatie. Hij nam de WRR-verkenning De menselijke beslisser in ontvangst uit handen van raadslid Henriëtte Prast. De bundel, die onder redactie staat van WRR-stafleden Will Tiemeijer en Casper Thomas en WRR-raadslid Henriëtte Prast, maakt kennis over gedrag en keuzes van het individu en de invloeden daarop toegankelijk. De bundel bevat bijdragen van Nederlandse topwetenschappers op het gebied van de psychologie, economie, sociologie, biologie en filosofie. 

Vier voorbeelden

Henriëtte Prast noemde vier voorbeelden van opvallende conclusies uit de bundel. Een rommelige straat leidt ertoe dat mensen sneller overgaan tot stereotyperen (en dat leidt al snel tot discrimineren), omdat dat rust tussen de oren geeft. Wilskracht en zelfbeheersing kunnen, net als spieren, uitgeput raken als er een groot beroep op wordt gedaan, maar zijn tot op zekere hoogte, wederom net als een spier, te trainen.  De houding van burgers tegenover de overheid hangt meer af van de manier waarop ze behandeld worden dan van de uitkomst van die behandeling. En, last but not least, de mens heeft zich evolutionair zo ontwikkeld dat hij zowel in staat is tot goed als tot kwaad; het hangt van de omstandigheden af op welke aanleg een beroep wordt gedaan. Minister Klink ging naar aanleiding van het in ontvangst nemen van de Verkenning in op de bevinding dat de houding van de burger van vlees en bloed ten opzichte van de overheid vaak meer wordt bepaald door de manier waarop die burger zich behandeld voelt dan door de uitkomst van de behandeling. Dit herkende hij uit de medische sector. 

Effecten

Inez de Beaufort (o.a. hoogleraar Medische Ethiek en hoofd van de Afdeling Medische Ethiek en Filosofie van de Gezondheidszorg van het Erasmus MC en lid van het Europese project dat de ethische kant van het voorkomen van obesitas onderzoekt) sloot in een gesprek met Henriëtte Prast aan op de bijdragen van de eerdere sprekers. Ze ging daarbij aan de hand van filmfragmenten vooral in op de mogelijk nadelige effecten van nudging: infantilisering en een glijdende schaal.  Prast wees op het infantiliserende karakter van campagnes die uitgaan van de rationele mens: “neem de trap” in de campagne voor een gezonde leefstijl bijvoorbeeld. Ze noemde ook de averechtse effecten van voorlichtingscampagnes en campagnes die een moreel appèl doen: mensen gaan juist meer eten als de verpakking meldt dat het product weinig calorieën bevat, “roken is dodelijk” betekent voor tieners vooral “roken is stoer”, en mensen die intrinsiek gemotiveerd waren tot prosociaal gedrag worden juist ontmoedigd door campagnes die daartoe oproepen.

Zie ook