In de afgelopen decennia zijn veel problemen in de fysieke leefomgeving voortvarend aangepakt, maar sinds de eeuwwisseling lijkt er sprake van een zekere stagnatie in de vitaliteit van het beleid voor duurzame ontwikkeling. Met name klimaatverandering is een vraagstuk van voortdurende zorg. In het project Handelingsperspectieven voor duurzaamheid adresseert de WRR vraagstukken voor duurzame ontwikkeling in een brede serie publicaties en activiteiten.

Nederlandse Klimaatbeleid

Duurzame ontwikkeling is in belangrijke mate een vraagstuk van institutionele borging. Zo omvat het Nederlandse klimaatbeleid een breed palet aan maatregelen, maar het ontbeert een helder en geborgd langetermijnperspectief. Dit is wel nodig, om coherentie, koers en bestendigheid in het beleid te kunnen bieden. De WRR verkent de mogelijkheden om te komen tot een beleidsomslag van vrijblijvendheid naar verankering voor de lange termijn.

Cover van Policy Brief 5: Klimaatbeleid voor de lange termijn

In oktober 2016 publiceerde de WRR een policy brief met aanbevelingen voor de institutionele borging van het klimaatbeleid voor de lange termijn.

Video toelichting Policy Brief

In deze video geven WRR-raadslid Prof. Margot Weijnen en staflid ir. Albert Faber een toelichting op de Policy Brief over het klimaatbeleid.

(Beeldtitel: WRR-Policy Brief 5. Klimaatbeleid voor de lange termijn: van vrijblijvend naar verankerd. Margot Weijnen:)

RUSTIGE MUZIEK

MARGOT WEIJNEN: Er gebeurt ontegenzeglijk al heel veel goeds op het gebied van klimaat en duurzaamheid.
Maar het kortetermijndenken domineert en de bottomline is dat investeerders worden afgeschrikt door onzekerheid.
We willen dat de politiek zich bindt aan een heldere doelstelling voor de lange termijn en dat het langetermijndoel goed wordt bewaakt.

(Op een onscherpe foto van de zee verschijnt de tekst: De uitdaging voor Nederland.)

Maar wat er nog nodig is, is een stevige verankering van het nationale klimaatbeleid, gericht op de Parijse ambities voor de lange termijn voor 2050.

(De tekst 'Aanbevelingen WRR' met op de achtergrond opnieuw de foto van de zee.)

Een kernpunt in de aanbevelingen die we doen in deze Policy Brief is de instelling van een klimaatwet.
Nederland vordert gestaag met de emissiereductie van broeikasgassen maar met het huidige tempo gaat het zeker niet lukken de doelstelling van Parijs te halen.
Er is dus een intensivering van het klimaatbeleid nodig.
En dat begint volgens de WRR met een ambitieuze doelstelling voor de lange termijn.
En die doelstelling zien we het liefst geformuleerd in de vorm van een emissiebudget voor broeikasgassen.
En door dat emissiebudget nu te verankeren in een wet geeft de politiek een sterk signaal van commitment.
Het belangrijkste vinden wij dat de wet behalve een bindende doelstelling voor de lange termijn ook vastlegt dat er een klimaatautoriteit wordt ingesteld als bewaker van dat doel voor de lange termijn.

(Het woord 'Klimaatwet' verschijnt op dezelfde onscherpe foto van daarnet.)

Wat wij voorstellen in onze Policy Brief onderscheidt zich eigenlijk op drie belangrijke punten.
Om te beginnen betekent het vastleggen van een doel voor de lange termijn eigenlijk per definitie dat er ruimte moet zijn voor aanpassingen.
Want op lange termijn zullen technologieën en maatschappelijke voorkeuren veranderen en is er natuurlijk sprake van voortschrijdend inzicht.
Dat betekent dat een wet vooral geen invulling moet geven aan hoe de langetermijndoelstelling gehaald moet worden.
Een wettelijk kader met een termijn tot 2050 is gebaat bij een ondubbelzinnig doel namelijk reductie van broeikasgassen.
En aanvullende doelen, bijvoorbeeld voor het aandeel hernieuwbare energie in onze energiemix, die horen daar niet bij en blijken ook vaak contraproductief.
Op de tweede plaats stellen we voor dat het doel wordt vastgesteld in de vorm van een nationaal emissiebudget.
Wat mag Nederland nog uitstoten tot 2050?
Dat doel is eenduidig en ook onafhankelijk van de omvang van de economie of van wisselende politieke voorkeuren, enzovoort.
Een budget geeft een helder handvat.
Wat je nu uitgeeft, kun je later niet nog eens uitgeven.
En op de derde plaats stellen we de instelling voor van een klimaatautoriteit.
Die heeft een functie als waakhond voor de lange termijn.
De autoriteit, die is zelf niet verantwoordelijk voor de uitvoering van het klimaatbeleid, maar houdt wel toezicht op de voortgang en zorgt voor vertaling van de langetermijndoelstelling naar tussendoelen.
Tussendoelen op de weg van vandaag naar 2050.

(Het woord 'Klimaatautoriteit' verschijnt.)

Die klimaatautoriteit is een onafhankelijke institutie, op afstand van de politiek.
Euh, die moet fungeren als een katalysator voor de uitvoering van het klimaatbeleid en als buitenboordmotor van het kabinet.
En die klimaatautoriteit heeft volgens ons ten minste vier functies.
In ieder geval een adviesfunctie.
Die klimaatautoriteit moet eigenlijk adviseren over hoe dat emissiebudget over de tijd moet worden verdeeld.
Die klimaatautoriteit moet met andere woorden tussendoelen vaststellen.
En die adviezen zijn zwaarwegend.
En met zwaarwegend bedoelen wij dat het kabinet die adviezen niet zomaar terzijde kan leggen, tenzij met instemming van het parlement.
Ten tweede heeft die klimaatautoriteit een belangrijke functie om de consistentie te bewaken van het beleid.
En dan gaat het om de consistentie van het langetermijn-klimaatbeleid met wat er gebeurt in andere beleidsdomeinen en op verschillende bestuursniveaus.
Ten derde heeft de klimaatautoriteit een monitoringfunctie.
Ze moet toezicht houden, monitoren hoe het zit met de beleidsvoortgang.
En tot die monitoringfunctie hoort eigenlijk ook het signaleren en het agenderen van maatschappelijke en ook technologische ontwikkelingen die relevant zijn voor het langetermijn-klimaatbeleid.
En op de vierde plaats stimuleert en organiseert de klimaatautoriteit ook de maatschappelijke dialoog over het langetermijn-klimaatbeleid.
De klimaatautoriteit, die staat op enige afstand van de dagelijkse politieke gang van zaken, maar moet natuurlijk wel ingesteld worden middels een politiek besluit.

(Beeldtekst: De Klimaatwet en het Europese emissiehandelssysteem.)

Neem alsjeblieft niet te snel afstand van het Europese ETS want het risico is levensgroot dat je het kind met het badwater weggooit.
De primaire functie van het ETS is het begrenzen van broeikasgasemissies.
En in die zin werkt het, maar we beamen volmondig dat het emissieplafond wel wat ruim bemeten is.
Dus versterking is nodig.
In eerste instantie denken we dat je dat moet doen door rechten uit de markt te nemen.
En dat moeten we bij voorkeur dan wel in Europees verband doen.
En als dat niet lukt, zou je in tweede instantie kunnen denken aan een bodemprijs in de veiling voor CO2-emissierechten.
En ook dat moet bij voorkeur in Europees verband gebeuren.
En in de derde plaats kun je denken aan uitbreiding naar andere sectoren.
Zo is de luchtvaartsector bijvoorbeeld pas later aangehaakt en je kunt denken aan integratie met andere emissiehandelssystemen in de wereld.
En pas als die drie routes helemaal niet begaanbaar blijken of niet van de grond komen, komen nationale maatregelen in beeld.
Nationale maatregelen om een bodemprijs voor emissierechten te garanderen.
Dat hebben het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk bijvoorbeeld al gedaan.
Bedrijven hebben voor hun klimaatinvesteringen in elk geval behoefte aan enige mate van zekerheid voor de lange termijn.
En een klimaatwet die het emissiebudget vastlegt voor de lange termijn voorziet tot op zekere hoogte in die behoefte aan zekerheid en creëert daarmee ook een setting voor ambitieuze klimaatakkoorden op sectorniveau.

(Beeldtekst: Download WRR-Policy Brief. Klimaatbeleid voor de lange termijn. Van vrijblijvend naar verankerd. Via www.wrr.nl.)

Duurzame ontwikkeling

In 2015 heeft de projectgroep zich gebogen over de vitaliteit van het beleid voor duurzame ontwikkeling in Nederland. Het huidige Nederlandse beleid voor duurzame ontwikkeling lijkt niet goed in staat om een effectief antwoord te geven op de complexe ecologische vraagstukken van de 21e eeuw. Er lijkt behoefte aan een beleidsperspectief dat beter toegesneden is op de complexiteit en maatschappelijke inbedding van de huidige ecologische uitdagingen. Dat vraagt om samenhang en balans tussen verschillende waarden en doelen, tussen korte termijn en lange termijn en ten aanzien van afwenteling naar elders of naar andere (beleids)niveaus.

Working papers

In een tiental verkennende working papers hebben verschillende auteurs hun licht laten schijnen over aspecten van deze materie. Daarbij is gekeken naar prestaties, draagvlak en impact van beleid, naar politiek-bestuurlijke instituties en governance, naar waardeoriëntaties en discursieve context, en naar de interactie tussen kennis en beleid. Deze achtergrondstudies zijn in juni 2015 als WRR-Working Papers gepubliceerd. 

Barrières en uitdagingen

In het vervolg van dit project zal de nadruk liggen op uitwerking van enkele specifieke thema’s, zoals governance van financiering en van de ontwikkeling van nieuwe infrastructuur. Daarmee verkent dit project barrières en uitdagingen voor een effectief en gedragen beleid voor milieu en duurzame ontwikkeling.

Contact

Albert faber | 070-3564640 | faber@wrr.nl